Kunstmatige intelligentie verandert de gezondheidszorg — maar voor wie?
AI kan artsen helpen, diagnoses versnellen en patiënten beter informeren. Maar de nieuwe technologie dreigt ook de kloof te vergroten tussen wie wél en wie niet toegang heeft tot goede zorg.
In het Amsterdams Medisch Centrum loopt een stille revolutie. Terwijl radiologen vroeger uren besteedden aan het doorspitten van duizenden scans, signaleert een algoritme nu in seconden afwijkingen die het menselijk oog makkelijk mist. "We vinden tumoren die we anders pas maanden later hadden gezien," vertelt radioloog dr. Mark Schippers.
Maar buiten de muren van grote academische ziekenhuizen ziet de werkelijkheid er anders uit. Huisartspraktijken in krimpgebieden en GGZ-instellingen met wachtlijsten van anderhalf jaar hebben weinig aan een technologie die tienduizenden euro's kost om te implementeren.
Van diagnose tot behandelplan
De toepassingen van AI in de zorg zijn inmiddels breed. Chatbots triageren patiënten voordat ze een arts zien. Taalmodellen schrijven ontslagbrieven. Beeldherkenning detecteert huidkanker op foto's van smartphones.
"AI is geen wondermiddel. Het is een gereedschap — en zoals elk gereedschap werkt het beter als je weet hoe je het moet gebruiken." — Prof. dr. Sarah van den Berg, hoogleraar medische AI, TU Delft
Het gevaar is dat AI-systemen worden getraind op data van grote, rijke ziekenhuizen in stedelijke gebieden. Die data weerspiegelt niet de diversiteit van de bevolking. Een algoritme dat is getraind op patiënten uit Amsterdam-Zuid presteert mogelijk slechter bij patiënten met een andere etnische achtergrond.
Toegankelijkheid als kernvraag
Zorgethici benadrukken dat de introductie van AI in de zorg een politieke keuze is, geen technische noodzaak. "We kunnen beslissen dat AI alleen beschikbaar komt als het voor iedereen beschikbaar is," zegt dr. Fatima Osman van het Rathenau Instituut.
Nederland loopt in Europa voor op het gebied van digitale zorginfrastructuur, maar ook hier zijn de verschillen groot. AI dreigt geografische ongelijkheid te versterken als er geen beleid tegenover staat.